|
|

Op 25 juli 1878 wordt professor dr. Johannes Hendrikus Everardus Jacobus Hoogveld geboren, een zoon van Richardus Hendrikus Romanus Hoogveld, landbouwer, en Catharina Constantia Schouten, hij werd geboren op boerderij de Overmaat te Elden. Hij is later een der oprichters van de Katholieke Universiteit Nijmegen.
Hoogveld, oudste kind uit een groot gezin van welgestelde landbouwers, ontving zijn eerste opleiding aan het Nijmeegse Dominicuscollege. Daarna bezocht hij de seminaries van het aartsbisdom Utrecht te Culemborg en Rijsenburg. Na de priesterwijding (1902) volgde de wetenschappelijke vorming aan het Angelicum te Rome, afgesloten door een promotie in de wijsbegeerte en godgeleerdheid (1904). Terug in Nederland werd de jonge priester al spoedig benoemd tot docent in de wijsbegeerte en de empirische zielkunde aan het Culemborgse seminarie (1906-1921); tevens aanvaardde hij in 1915 het hem gedane verzoek, aan de zojuist opgerichte RK Leergangen te 's-Hertogenbosch (later: Tilburg) onderwijs in de pedagogiek te geven. De overweging 'dat alleen de studie hiervan [se. van wijsbegeerte en empirische zielkunde] de pedagogiek, die te veel weg had van een receptenleer en die te sterk opging in onderwijs-methodiek-regels, op behoorlijk peil kon brengen', deed hem zijn aanvankelijke aarzeling overwinnen (zie zijn 'Ter inleiding', XII op de Keur uit de werken...)
Tot 1932 doceerde hij aan de Leergangen de opvoedkunde, waarbij de meer 'praktische' delen van het vak, zoals de didactiek, steeds buiten het onmiddellijk terrein van zijn werkzaamheden bleven. De hem in 1923 als deel van zijn leeropdracht aan de Katholieke Universiteit toegewezen 'algemene pedagogiek' zou dezelfde stof omvatten als die waartoe Hoogveld zich te Tilburg beperkte. Van huis uit was hij filosoof; zijn wending tot de opvoedkunde voltrok zich via de wijsgerige anthropologie in de jaren rond 1920, de periode van zijn redacteurschap van het mede door hem opgerichte tijdschrift De Beiaard. Dit zijn Hoogvelds vruchtbaarste jaren (1916- 1925), voor zijn werk in stilistisch opzicht de beste. Vanaf 1918 schreef hij tevens menig opstel als redacteur van het Tijdschrift voor zielkunde en opvoedingsleer,een uitgave van het Psychologisch- en Paedagogisch Instituut der RK Leergangen. Deze bijdragen waren bedoeld als voorbereidingen voor enige delen van een breed opgezet 'Handboek der pedagogiek', door Hoogveld te verzorgen, delen die nimmer verschenen.
|